Enkele naamkundige overpeinzingen bij de geboorte van mijn dochter Sophia Agatha Ellydochter

Toen we enkele jaren geleden droomden over een kind hadden we allerlei namen in onze gedachten voor als er een kind kwam. Maar dat kind kwam niet. En toen we de hoop eenmaal hadden opgegeven en we ons leven anders waren gaan inrichten kwam Sophie. En wij waren inmiddels ook al weer wat ouder en hadden wellicht daardoor meer gevoel verkregen voor traditie. En in plaats van een fancy trendy naam is ze gewoon vernoemd naar haar beide grootmoeders. En daarbij nog een matroniem zodat ze niet alleen de achternaam van de vader krijgt maar ook nog een verwijzing naar de moedernaam.

Sophie’tje is dus vernoemd naar haar grootmoeders Sophia Magdalena Fokker (1917) en Agatha Geziena Engelina Werdmuller (1926). Mijn moeder weer vernoemd naar haar grootmoeder Sophia Magdalena Luthin (1870-1944), die op haar beurt wellicht vernoemd was naar haar overgrootmoeder Catharina Sophie Mündemann (1769-1841). Aan de andere kant is Agatha Werdmuller vernoemd naar een zuster van haar vader, tante Agatha, die op haar beurt weer was vernoemd naar haar grootmoeder Agatha (of Afina?) Wortelboer. Ondanks al die Duits-klinkende voorouders is Sophie’tje een 2e generatie Tukker. Een onvoorziene omstandigheid.

Mijn grootvader Carl Max Schulte (1870-1942), naar wie ik ben vernoemd (in Westfalen is de 2e voornaam veelal de roepnaam) kreeg zijn eerste achterkleinkind George Schweigmann in 1951. Sophie’tje is vermoedelijk zijn laatste. Dat betekent een leeftijdsverschil van 49 jaren, ofwel 2 generaties. George had haar grootvader kunnen zijn in plaats van een verre neef. Grote leeftijdsverschillen zijn niet ongewoon in mijn familie. Mijn vader was 40 jaar toen ik werd geboren en mijn grootvader was 43 toen mijn vader werd geboren. Wie heeft meegerekend heeft gezien dat het geboortejaar van mijn grootvader hetzelfde is als van één van mijn overgrootmoeders.

Ondanks deze overwegingen bedenk ik wel eens dat er wel een groot leeftijdsverschil is tussen mij en mijn dochter. Niettemin heb ik er zelf nooit last van ondervonden dat mijn vader zoveel ouder was dan de meeste vaders. Dus wat zou ik zitten zeuren. Bovendien kan het nog wel erger. Eén van mijn voorouders is ene Jan Petersz Kersbergen (1683-1762). Deze ligt in 1733 'siek te bedde' en maakt zijn testament op. Zijn vrouw is dan al overleden. Uit het testament blijkt dat hij geen levende kinderen heeft, want alles wordt vermaakt naar de kinderen van zijn broer en zusters. Maar kennelijk komt Jan de ziekte te boven en in 1738 huwt hij voor de tweede maal, nu met Annigje Jansdochter de Jong. Een dan 21-jarig meisje uit Schoonrewoerd die in 1742 een zoon baart: Jan Jansz Kersbergen. De vader was toen 58 jaar. En nu wil ik niet op de zaken vooruitlopen, maar uit dat ene kind is een hele uitgebreide tak Kersbergens ontsproten. Deze Jan kreeg zelf 10 kinderen en een ervan, ene Teunis Jansz Kersbergen verwekte bij twee vrouwen maar liefst 20 kinderen. Dat heeft Jan Petersz niet meer meegemaakt. Hij stierf in 1762 op 79-jarige leeftijd, 4 jaar voor de geboorte van zijn eerste kleinkind.

Terug naar de Sophie's. Aan mijn moeders kant is het een bekende naam. Er zijn diverse kleinkinderen vernoemd naar Sophia Magdalena Luthin en ze worden allemaal Fietje genoemd. Daaraan kun je zien dat een oudere naam als Fijtje ook een verbastering van Sophia is en vermoedelijk geldt hetzelfde voor Fijgje en Sijgje/Cijgje. Als ik dan haar kwartierstaat nader onder de loep neem, kom ik daarin de volgende Fietjes tegen (in Westphalen was de 2e voornaam veelal de roepnaam):

1 Schulte, SOPHIA Agatha Ellydochter,*11-05-1999 Enschede

5 Fokker, SOPHIA Magdalena,*16-10-1917 Amsterdam

17 Flacke Maria SOPHIA,*11-05-1835 Recke,+18-03-1911 Münster

21 Luthin, SOPHIA Magdalena,*06-02-1870 Amsterdam,+23-11-1944 Amsterdam

35 Wolf, Catharina SOPHIA,*27-09-1808 Mettingen,+31-05-1875 Recke

169 Mündemann Catharina SOPHIE,*31-03-1769 Rosdorf,+10-03-1841 Rosdorf

661 van Lexmond, FIJGJE Gerrits,*-02-1700 IJsselstein/Lopik,+18-07-1743 Lopik

2597 FIJGJE/FIJTJE IJsbrandts,*±1655,+<-12-1696

2647 van Jaarsveld, FIJGJE Adriaensdr,*±1648 Lopikerkapel

2673 van Rossum, FIJGJE/SIJGJE Jacobsdr,*±1610 't Waal,+1674

5295 Sonnenbergh, FIJTGE/FIJCHIE Damisse,*±1615 Benschop?

42945 FIE,*±1490

Soms is het niet duidelijk wat er in de oude boeken geschreven staat en zou het zowel een S als een F kunnen zijn, vandaar de verwarringen tussen Fijtjes en Sijtjes.

Hoewel de kwartierstaten van mij en van mijn vrouw elkaar soms dicht naderen, ben ik er nog niet in geslaagd een gemeenschappelijke voorouder te vinden. De achternaam van Sophie's moeder's moeder is Werdmuller en de oorsprong van die naam moet in Ibbenbüren worden gezocht, waar een Werthmühle was. Aan de kant van mijn kwartierstaat komen ook heel veel voorouders uit hetzelfde Ibbenbüren. Zo ook de rechte mannelijke lijn die van Schulte uit Mettingen teruggaat op Freude, afkomstig uit de buurschap Laggenbeck bij Ibbenbüren en daarvoor terug gaat op Busemeyer uit Bockraden, gelegen in het landelijk gebied tussen Mettingen en Ibbenbüren. Maar al mijn speurwerk tot dusver heeft nog geen verbinding tussen beide kwartierstaten opgeleverd. Een andere mogelijkheid zou schuilen in de Van Rossum's, die zowel bij Elly als bij mij voorkomen en beide uit het Utrechtse afkomstig zijn. Evenwel is haar tak voornamelijk katholiek gezind en de mijne vermoedelijk protestant. Ook hier heb ik nog geen gezamenlijke voorouder kunnen ontdekken, maar gelukkig heb ik in mijn eigen kwartierstaat al volop met dubbelloop van doen, zodat Sophie zich daarover geen zorgen behoeft te maken. Als de gegevens en de interpretaties ervan kloppen stam ik op zeker 10 verschillende manieren af van ene Herman Langemeyer, die rond 1600 zal zijn geboren en leefde in het eerder genoemde Mettingen.

Met de invoering van de burgerlijke stand werd het verplicht voor alle burgers om een familienaam aan te nemen. Nu hadden de meeste mensen al een familienaam en soms was die al eeuwen in gebruik, maar in bepaalde streken werd er nog volop gebruik gemaakt van patroniemen. Vooral in Friesland, waar Janke Bartelds de dochter was van Bartele Heeres die op zijn beurt ongetwijfeld een vader had die Heere heette. Omdat er in Friesland minder familienamen werden gebruikt was het arsenaal aan voornamen groter dan elders, waar ook van patroniemen gebruik werd gemaakt, maar omdat er al een familienaam was konden de diverse Jan Janszonen in een dorp door middel van de familienaam worden onderscheiden. Dan nog kon het voorkomen dat er twee personen met dezelfde naam in een dorp voorkwamen, zoals in mijn geval bij Sijmen Teunisz Korver waaravn er op zeker moment in Ter Aa twee rondliepen. De ene geboren in 1744, zoon van Theunis Lambertsz Korver, de ander in 1748 als zoon van Theunis Sijmensz Korver. Op grond van de namen van de kinderen heb ik de laatste uitgekozen als voorouder. Het vernoemingen systeem kan je bij genealogisch onderzoek goed op weg helpen, hetgeen je pas goed merkt als er, zoals in veel Duitse gebieden, geen patroniemen gebruikt worden en er bovendien gebruik wordt gemaakt van een zeer beperkt arsenaal aan voornamen. In een andere lijn in mijn kwartierstaat duikt een familie Moen op die zeven generaties lang Hendrik heten, die worden aangeduid als Hendrik Hendriksz Moen. In mijn geval baart de vrouw van Hendrik ook nog een dochter Marrigje en daarmee verdwijnt bij mij die naam Moen. Maar haar broer Hendrik zet de traditie voort en kennelijk wordt op zeker moment het patroniem Hendriksz ingekort tot H. en heet de Hendrik van zijn tijd: Hendrik H.Moen en nog later wordt dit Hendrik Hamoen. Wij vonden het wel wat hebben om in de naam van het kind ook de oudernaam te verwerken middels een patroniem of matroniem. Maar waarom altijd die van de vader, terwijl dat toch de meest onzekere van de twee ouders is? We vonden het leuk deze gewoonte weer nieuw leven in te blazen en spraken af dat een jongetje het toevoegsel Maxzoon en een meisje Ellydochter zou toegemeten krijgen. Het is een meisje geworden en het toevoegsel heeft zoveel verwondering gewekt, dat Sophie soms met Ellydochter wordt aangeduid. "Hoe is het met Ellydochter?" vraagt men dan.

Tja, en dan zijn er nog enkele bekende Sophia's, waarnaar zij niet vernoemd is. Haar naam is een geliefde keuze voor boeken en films. Zo is er een film die 'Sophie's choice' heet met ene Merryl Streep in de hoofdrol en een boek over filosofie van de Noorse schrijver Jostein Gaarder dat 'Sophie's world' heet en zo populair is geworden dat er allerlei merchandising mee wordt bedreven: boeken, cd-roms, website, fanclub, t-shirts en zo verder. Dan zijn er artiesten als Sophia Loren, Sophie Hawkins die haar naam dragen, alsmede diverse lieden van koninklijke bloede. En niet te vergeten 'Sophietje' van Johnny Lion, die ranja dronk met een rietje. Het schijnt al tijden de meest populaire naam in veel westerse landen te zijn, maar de onze heeft niet om die reden haar naam verkregen.

Zelf presenteren we ons wel eens middels de laatste letters van onze voornamen maX en ellY ofwel X+Y. Als Sophie een jongetje was geweest had hij ondermeer de naam Maxz gehad zodat we ons cryptogrammetje hadden kunnen uitbreiden naar X+Y+Z. We kunnen dat toch wel doen door gebruik te maken van de Russische versie Zofia, al klopt de afleiding dan niet meer.

Tot slot nog een kleine verwijzing naar de ethymologie van Philospohie dat volgens het ethymologisch woordenboek van … is afgeleid van het grieks en staat voor "Liefhebbers van Wijsbegeerte", maar in ons geval voor altijd "Liefhebbers van Sophie" zal betekenen, zodat wij de facto zijn toegetreden tot het gilde der "Philosophen" en de ethymolgie moet worden gedraaid naar de richting "Ouders van Sophie".